Poëzie uit de Lage Landen

DE BOOM VAN OPA

 

Opa heeft een grote boom,

met verre wortels diep in ’t zand

en brede takken op zijn kroon.

 

Die is al oud en twee keer opa,

hij wuift mee met de wind

wil niet meer weg,

maar blijft daar staan:

hij treurt stil als het regent.

 

Als ’t koud wordt doet hij niet meer mee,

meewarig traag kijkt hij eens rond

en strooit met gulle hand

zijn oude bladeren op de grond.

 

Zakgeld voor het jonge leven,

vol voorjaarsgroen en volle maan

dat d’ oude stam zijn lentekleed

en nieuwe kracht zal geven.